Snel of traag



Dag lieve lezer, hoe gaat het vandaag met je?
Wat ben ik blij dat jij er weer bent.

Ik ben ook blij dat ik er weer ben…
Dat was de afgelopen dagen even anders, ik ging gewoon kopje onder… Ik werd diep de modder in gezogen…
Ik vond mezelf bijna niet terug door die dikke smurrie…

Ik wou daar niet blijven steken, dus gooide ik het vandaag over een andere boeg.
Zoals zo vaak heb ik maar enkele mogelijkheden tot acute zelfhulp…
Ofwel ga ik tekenen of schilderen, het maakt niet uit wat… ofwel trek ik naar buiten… contact zoeken en maken met de natuur…
Ver hoef ik daar echt niet voor te lopen.

Ik vond oogverblindende schatten in de wegbermen, die leken op het eerste zicht heel wild…
Maar wat een schoonheid lag er aan mijn voeten, en vlak voor mijn neus, toen ik wat tijd maakte om echt te zien wat ik eerst niet zag…

Ik verloor mezelf…
Alweer… of weeral…
Deze keer had ik er niet de minste moeite mee dat het zo was.
Ik verloor het idee van tijd…
Ik had er veel.
Heel veel.
Ik had oneindig veel tijd om heel bewust stil te staan.
Tijd om waar te nemen wat de natuur me bood.
Tijd om ook toe te laten wat zo’n pijn deed binnen in me…
De tijdloze, eindeloze verbinding met wat er ‘gewoon’ is verscholen in het groen, bood zoveel troost, geborgenheid, comfort om alles te dragen wat al kwam en nog moet komen…
Dankjewel moedertje…
Dankjewel moedertje natuur.
Voor je aanwezigheid…
Voor je geduldig afwachten tot ik aan mijn breekpunt of keerpunt kwam.
Voor de mogelijkheid die je me biedt om mezelf terug te mogen vinden op een manier waarbij geen enkele gedachte nodig is, maar waarbij ik gewoon voel dat alles er mag zijn.

Gedragen.
Getroost.
Geliefd.
Gevoed tot in het diepste van mijn ziel.
Zo voel ik me.
Dat ga ik bijhouden, diep in mijn hart, diep in mezelf… om tegen de stootjes te kunnen van de dagen die komen.

Dag lieve lezer, het ga je goed.
Dikke knuffel en dankjewel om er te zijn.

❤️

Eufoor



Dag lieve lezer, hoe gaat het met je?
Ik zal maar met de deur in huis vallen en beginnen met mijn verhaal van de dag.

Ik zag een houten tafeltje, midden in mijn gezichtsveld.
De mengeling van tinten bruin trok mijn aandacht. Hoe mooi, die oker, goudoker, omber natuur en gebrand, gebrande en rauwe sienna…
Iemand had dat daar vast voor mij gezet. Iemand die al de plankjes en stukjes hout zorgvuldig bij elkaar had geplaatst… Iemand met veel ambacht en liefde voor het vak, had daaraan zitten schaven, beitelen, timmeren… de uitgesneden motieven waren prachtig.
Toen mijn blik het aandurfde zich los te maken van het houvast dat het tafeltje bood, zag ik een oneindig uitgestrekt strand…
Ik was er alleen. Dit was helemaal voor mij daar neergelegd…
Ik stond er niet gewoon bij… het was meer een gevoel van daar totaal met volle aandacht aanwezig te zijn.
Ik stond niet.
Ik was.

Ik zag een eindeloze zee, met alle tonen en tinten blauw, aquamarijn, appelblauwzeegroen, en heel veel kleuren waar ik geen naam voor vond. Ze benoemen was ook totaal overbodig.
De zee golfde niet, de zee kabbelde, ze raakte het zand zo voorzichtig aan dat ik haar zachte aanraking kon horen en voelen, als een zacht geknabbel aan mijn tenen of zo.

Ik zag niet echt een zon, zoals ik verwacht had in de saffierblauwe lucht… ik nam een licht waar dat scheen met een kracht en een intensiteit die niet verblindde, maar zo voedend was, dat ik in overvloed kreeg wat ik nodig had aan klaarheid.
Een zachte wind voelde ik strelend voorbijtrekken.
De temperatuur was zo goed.
Het was noch koud, noch warm.
Het was perfect.

Ik was aanwezig met heel mijn zijn, met heel mijn wezen.
Ik mocht er zijn met al mijn pijn, al mijn verdriet, al mijn nervositeit, al mijn stress… Al mijn angst, al mijn onzekerheid…
Alles werd gedragen.
Ik had me nog nooit zo licht en luchtig gevoeld.
Alles werd opgenomen door alles wat er was…
Het was zalig.
Het was hemels.
Het was paradijselijk.
Ik voelde me zo goed, zo fantastisch… zo omringd door schoonheid, door licht, door kleur, door iets dat me gewoon de adem benam…
Ik wou hier eeuwig vertoeven.
Hier wou ik zijn en aanwezig blijven.
Hier kon en mocht ik alles gewoon loslaten.
En zijn.
Gewoon “zijn”.

Toen zag ik enkele groene wezens met maskers en mutsen en zo die op me af kwamen… Ik schrok me te pletter toen ze riepen: ‘mevrouw, bent u wakker’…

Ik meen gevraagd te hebben wat ze daar zo onuitgenodigd op mijn strand kwamen doen, waarom ze zo riepen, en ik alleen maar wou dat ze me met rust lieten…

Toen voelde ik een licht kokhalzen diep in mijn keel, en vertelden ze me dat ik op recovery was, dat mijn operatie achter de rug was…

Toen dacht ik shit.
Back to reality…

Lieve lezer, ik wens je een heel fijne dag nog, terwijl ik me toch nog altijd erg gedragen voel… ook door echte mensen, die liefdevol voor me zorgen. Daar ben ik bijzonder dankbaar voor…

Dikke knuffel
❤️