Kweenie



Ik ben weer eens opgestaan…
Hoera… Het is gelukt…
Hier is hij dan, een nieuwe dag.
Een geschenk.

Ik stap met het beste been waarmee ik uit bed ben gestapt verder… Dan klopt het ritme voor de hele dag.
Ik passeer de spiegel van mijn kleerkast.
Oei, wat is dit nu…
Ik staar naar het beeld van mezelf dat terugkijkt alsof het zelf een beetje van ‘t Lam Gods geslagen is… Niet vreemd natuurlijk in het grote Van Eyck jaar.

Dit ben ik niet…
Mijn lijf lijkt wel in een WC-rolletje gedraaid… mijn kapsel zit vol spiralen, er hangen er zelfs aan mijn oren…
Dat moet een restant zijn van een aanslepende droom, die me nog in zijn greep heeft, als een kleverige kauwgom die aan mijn schoen blijft kleven.
Of bedriegen mijn ogen mij bij het schamele licht van de plafondlamp?

Ik ben de eerste om te beweren dat dromen belangrijk zijn, dat ze ons iets willen vertellen.
Dan valt me de tekst op die zo duidelijk geschreven staat op het gladde karton van mijn kleed.
‘Het keurslijf, hoe geraak ik hier nog uit?’…
Wat heeft zich afgespeeld in mijn droom, vraag ik me af…
Terwijl ik tegelijk de boodschap lees en herlees… ja, zelfs op dit vroege ochtenduur kan ik al als de beste multitasken…

Als een dikke en luidruchtige oorwurm nestelen de woorden zich opgekruld als spiralen in mijn hoofd.
Meesterlijk gedirigeerd blijft het symfonieorkest zijn klanken herhalen.

Ik kan me alleen nog maar afvragen wat die kronkelaars met hun kabaal bedoelen…
Over welk keurslijf hebben ze het toch?

Daar moet ik echt eventjes over nadenken…
Wie weet, brengt de dag misschien raad.

Hoe dan ook, ik wens je een hele fijne dag.
Misschien zit je net zoals ik met een oorwurm geplaagd… ach, die verdwijnt wel weer, als de volgende zich aandient…

Dikke knuffel.
❤️

Conclaaf



Komaan, mannekes en meiskes, we slaan onze takkenbossen in elkaar en we zijn weg. Volg me maar. Ik weet wat ik doe hoor!
We zijn in gevaar.

Dat voelen jullie toch ook… die hete hittegolven… niet normaal!
Bosbranden… Rampen zijn het… voor alles wat leeft.

Met het water is eveneens van alles aan de hand. Soms te kort. Soms te veel. Soms te zuur…

Waar gaan we naartoe dan, opperboompa?

Naar het oostelijk grote bomenwereldconclaaf natuurlijk.
Wat had je dan gedacht. We gaan onze wereld redden. We rechten onze sterke ruggen en dragen wat we kunnen met onze stevige takken.

Er worden bomen omgehakt… ergens… altijd wel… om soja te kweken en zo…

Hier en daar woeden er branden, die al dan niet zijn aangestoken door een of andere gek, of door de klimaatopwarming.
Hier en daar, da’s een understatement… zowat de hele wereld staat in brand.

Er worden dikke olijfbomen gekapt omdat ze ten prooi vallen aan een of andere zeldzame kever die een opbouw van meer dan honderden jaren teniet doet…

Er moet iets gebeuren!
We kunnen niet langer wachten.
De berichten zijn onrustwekkend.
Maar… Samen sterk, weet je wel.

Onze opperboompa is toch een krak… die weet altijd wel raad.’

Geen gefluister en geratel in de rangen… doorstappen.
Er is haast bij.
Onze sociale bomenzekerheid staat op de helling.
We moeten solidariteit tonen en zorgen voor mekaar…
Niet op lokaal niveau alleen.
Niet op Europees niveau…
Nee, globaal deze keer…

Kunnen jullie nog volgen…
We zijn er bijna hoor!

Opperboompa is een superboompa’…

Draag zorg voor de bomen.
Voor de kleintjes en de grote…
Plant een boompje als dat kan… want alle beetjes helpen.

Nog een fijne dag.
Dikke boomknuffel.
🌳